eigen foto
Ken uw klassiekers
Loont het om de partijen van klassieke meesters te kennen?Sommige grootmeesters zijn grootgebracht zonder veel af te weten van schaakgeschiedenis – recent nog was er een video op Youtube waarin topgrootmeesters werd gevraagd om de vrouwelijke wereldkampioenen op te noemen – enkel David Navara kon ze allemaal opnoemen. Van Nakamura is ook bekend dat hij niet echt een klassieke opleiding heeft genoten. Iemand die zich enkel concentreert op speelsterkte, hoeft zich blijkbaar niet in te werken in 100 jaar klassieke partijen om sterker te worden.
Recent had ik een aha-moment, en ik vermoed dat mijn tegenstander dit niet echt zelf gevonden had achter het bord, maar een zet speelde, die in een klassieke partij (met dezelfde opening) ook een goede zet was. Hij had vermoedelijk kennis van deze beroemde partij in zijn standaardopening, dus was het voor hem geen al te grote inspanning om de zet in onze partij boven te halen.
Ik heb het over volgende partij: Reti-Rubinstein (Karlsbad 1923). De partij is terecht opgenomen in Golombeks boek "Richard Reti's Best Games" (partij 36). Reti was in die jaren op zijn beste en zou het jaar erop in New York Capablanca zijn eerste nederlaag in 8 jaar toedienen. In zijn partij tegen Rubinstein speelde Reti 15.Da1, met een dubbel doel: de druk op a7 verhogen, maar ook op de lange diagonaal.
https://lichess.org/study/alUQAQPs/9O7Ps7p4#28
Recent had ik volgende stelling met zwart (zie diagram hierna), en wat speelde mijn tegenstander? Jawel Da1. Het is een zet die je niet zo vaak ziet, en aanvankelijk dacht ik ook dat dit niet de beste zet in de stelling was, maar gaandeweg zag ik dat er niets mis was met de zet en ik niet meteen gebruik kon maken van deze opstelling van de dame in een uithoek van het bord (mijn kans kwam later, maar ik maakte er geen gebruik van).

De zet is hier misschien niet zo krachtig als in Reti's partij, maar Stockfish lust er wel pap van en geeft de zet als beste optie voor wit met een voordeel van 1,1. Ik vond de druk op de zwarte stelling hier zo hoog dat ik het beste Pxd4 niet wou spelen (volgens SF16 mondt dit bij optimaal spel uit in een toreneindspel met een pion meer voor wit), en meteen vluchtte in Pe8? (waarna wit niet ging voor de onmiddellijke kill, maar de druk verder verhoogde met Tfc1?!). Ik wil nog meegeven dat wit bijna de hele partij snel kon spelen - vermoedelijk ook omdat hij de beroemde partij kende en wist in welke richting hij zijn stukken moest dirigeren. Ik daarentegen liep al snel achter op de klok en kostte me dat mijn objectiviteit en ging ik ten onder.
Dit geval doet me dan weer denken aan voorbeeldpartijen, grootmeesterpartijen die je kan gebruiken als leidraad voor je eigen partijen. Meestal zijn dat partijen met dezelfde openingen die je zelf speelt, maar dat hoeft, niet, het kan ook een interessante middenspelwending of plan zijn (een beetje zoals hierboven, waar de analogie tussen beide stellingen voldoende was om ook tot dezelfde zet te komen). Maar dat aspect eens uitwerken is voor een ander artikel.
Uiteindelijk kan je je afvragen wat het rendement is, vergeleken met bv even veel tijd besteden aan taktische oefeningen, of openingsstudie (of eindspelstudie). Dat laat ik in het midden.